Kijken in de Ziel – waarover tobben Nederlandse journalisten eigenlijk nog?

Afgelopen maandag zag ik het tweede deel van het programma “Kijken in de Ziel“. Het was nog steeds klef, loommakend weer en ik vond het ook mijn plicht om te zien wat vakgenoten ervan bakten. Het minste wat je als semi-werkloze kunt doen is bijblijven. Twaalf Nederlandse journalisten krijgen in het programma levensvragen voorgelegd als ‘Waarom ben je journalist geworden?’ (de meesten zijn er ‘ingerold’) en professionele instinkers als ‘Mag iedereen zich journalist noemen?’ (‘Tuurlijk, het is een vrij beroep’).

Het is een snel gemonteerd programma. Voor kijkjes – in de ziel nog wel – kregen die mannen en vrouwen tien tot dertig seconden. Ik had er mijn stopwatch niet bij, ik heb niet eens een stopwatch, maar zo krijg je natuurlijk precies van die zielloze antwoorden die nooit verrassen, die binnen de gebaande paden blijven, die de verdenking wekken dat journalisten ook al een soort kaste met voorspelbare meningen zijn zoals Nederlandse varkensboeren en bedrijven die ziektekostenverzekeringen verkopen (‘je krijgt toch een band met die dieren’, respectievelijk ‘gezondheid heeft geen prijs’).  Jammer dat ik de vorige series (met onder andere artsen en ondernemers) gemist heb, anders had ik vergelijk gehad.

Het is geen programma van de EO of de KRO, dus wat verstaat de ongelovige interviewer Coen Verbraak onder “de ziel”? Geen idee. Volgens een rake definitie van filosoof Peter Sloterdijk is de ziel bij de mens een “binnenwereld die ontstaat door chronische overbelasting”. Peter bedoelt: als je jarenlang veel te hoog gegrepen  geboden en verboden probeert na te leven en daar niet in slaagt, ontstaat de ziel, een plek om te tobben, jezelf verwijten te maken en zelfs te beledigen en jezelf meestal vergeefs op te roepen tot meer moed, meer zelfdiscipline en meer geloof in het nut der naleving van ge- en verboden.  De ziel hoeft tegenwoordig niet per se meer een religieus verschijnsel te zijn, het kan ook door de media een handje geholpen worden, zoals bij duizenden vrouwen die aan anorexia nervosa lijden en zich doodhongeren vanwege onbereikbare schoonheidsidealen.

Maar wat zouden de geboden en verboden zijn waarover Nederlandse journalisten tobben? Afgezien van de overspannen regels die ook voor andere stervelingen gelden? Het programma komt niet verder dan een incidentje hier en daar.

Objectiviteit?

Wie tobt nog over objectiviteit na een halve eeuw deconstructionism, participerende journalistiek, gonzo journalism, gegniffel over kranten met naïeve namen als ‘De Waarheid’, je-neemt-altijd-jezelf-mee-journalistiek, om nog maar te zwijgen over het meer recentelijke fact-free journalism als van de Amerikaanse televisiezender Fox, de feitenvrije meningen van Geert Wilders in zijn tweets, alsmede Geenstijl-achtig gekanker? Anything goes tegenwoordig in de media, zoals al eerder in de moderne kunst. Op het internet zijn objectiviteit, gecontroleerde feiten, betrouwbaarheid en zelfkennis zo ver te zoeken dat studenten van de opleiding journalistiek in Utrecht van hun docenten zelfs Wikipedia niet mogen gebruiken als bron, een website die auteurs toch regelmatig vraagt wat hun bron is voor feiten en beweringen. Journalisten schrijven dikke boeken zonder veel bronvermeldingen of met bronnen die grotendeels uit de tweede hand zijn. Het NOS-Journaal laat voortdurend doorklinken dat het wel de Oekraïense separatisten of Russen geweest zullen zijn die het vliegtuig met vluchtnummer MH17 neergehaald hebben, de hypothese van een bom aan boord is meteen verlaten, evenals die van een mogelijk verband met het eerder verdwenen vliegtuig van Malaysia Airlines.

Hoor en wederhoor?

Het is al lang usance te vermelden dat een aangewezen boosdoener niet bereikbaar was voor commentaar, wat meestal te verdedigen valt (omdat men ons anders laat wachten tot sint-juttemis), maar wel eens levens kan verwoesten. Een van de weinige tob-cases in het programma was een zwartgeldaffaire bij FC Groningen die Johan Derksen dertig jaar geleden had aangezwengeld. Uiteindelijk bleek, aldus Derksen, dat de bestuurders geen cent in eigen zak hadden gestoken. Hij had daarom nog steeds moeite met de persoonlijke gevolgen die de affaire voor sommige had gehad. Geen van de andere journalisten had een dergelijk smartelijk verhaal. Misschien komen ze hun hoofdpersonen later nooit meer tegen?

De waarheid brengen?

Misschien komt dit soms problematische gebod in een volgende aflevering aan bod, maar tot nu toe werd nog geen handvol incidenten genoemd waarbij hoogstens de snelheid het van de zorgvuldigheid had gewonnen. Toch bestaan ook in Nederland journalisten die op last van de hoofdredactie bepaalde onderwerpen hebben moeten laten rusten (vermogende foute Russen, contracten voor de bedrijven van politiek leider X, mannen in witte pakken bij de Bijlmerramp). De waarheid brengen kan voor een medium leiden tot een totale communicatieboycot op het Binnenhof, dure rechtszaken of hoge boetes, interne verdeeldheid op een redactie, een gevoelde verantwoordelijkheid voor zelfmoord, verlies van huis, werk en reputatie door een klokkenluider, ontslag van de journalist. Benieuwd of interviewer Verbraak dergelijke typische tob-issues nog zal aanraken. Als ik er tien, twintig keer serieus mee te maken heb gehad, hoe vaak dan de 15.000 journalisten die Nederland telt?

Relevante selectie?

Je kunt de waarheid over A erg ver van je bed houden door andere onderwerpen over B te selecteren. In het programma tobt Rob Wijnberg over de huidige selectie van nieuws omdat ons soort nieuws voornamelijk over uitzonderingen gaat (het verkeersongeluk) en niet over wat regel is in de maatschappij (soepel verlopend massaverkeer). Dat geeft, zegt hij, een volkomen vertekend, zeg maar onwaarachtig beeld van de werkelijkheid. Daarop lijkt mij nogal wat af te dingen. Grote delen van het nieuws opereren helemaal niet of niet uitsluitend volgens dit principe (sport, economie, politiek, wetenschap, gossip, cultuur) en nieuwsconsumenten weten heus wel uit eigen ervaring dat verkeersongelukken uitzonderingen zijn.

Dat nieuws meestal slecht nieuws is (hoewel niet per se voor iedereen) is een historisch gegroeid cultureel fenomeen dat alles te maken heeft met het sombere wereldbeeld van het christendom en later het cynisme van de Verlichting en soortgelijke denkers in de twintigste eeuw, denk ik zo. Innovatie op dit punt laat nog op zich wachten, hier en daar wordt een beginnetje gemaakt (zoals bij de Deense omroep DR). Met opvattingen als van Jezus (‘gij zult de armen altijd onder u hebben’) is al afgerekend door een enkele welvaartsstaat, maar met de critici van de macht uit de Verlichtingstijd (die zich twee eeuwen geleden bijvoorbeeld al druk maakte over pedofilie door priesters en koninklijken) nog bij lange na niet. Er wordt in de media veel geklaagd, bejammerd, onthuld, veroordeeld, afgemeten aan geplande budgetten, de wet en aan verklaarde goede bedoelingen, vooral inzake gewetenloze machtige mensen, bedrijven en instellingen – maar het goede nieuws, bijvoorbeeld dat andere mensen er iets tegen doen, wordt nog steeds meestal weggezet als ‘campagnejournalistiek’ of erger, ondanks een duizelingwekkende groei van het aantal actiegroepen. Als er iets het massale gebruik van internet als alternatief nieuws- en feitenkanaal verklaart, is het dit wel. Ik geloof niet dat er ook maar één opleiding journalistiek in Nederland is die aan (goede) campagnejournalistiek een serie respectvolle colleges wijdt.  In Kijken in de ziel wordt het weggezet als een hobby van de Telegraaf die af en toe een minister wil weg hebben.

Professionele frustratie

Verder is de selectie van het nieuws of van onderwerpen geen issue dat Nederlandse journalisten uit de slaap houdt, aldus dit programma tot nu toe,  en dat vind ik volstrekt ongeloofwaardig. Als zich in de media ergens een ziel omheen vormt, is mijn ervaring, zijn het wel de onderwerpen waarvoor hoofdredacties geen belangstelling hebben, waaraan zij geen geld wensen te spenderen, die voor hen politiek taboe zijn, die niet in de formule passen, die te veel expertise vereisen, die te veel afwijken van wat de rest van de media brengt, die adverteerders wegjagen, die het publiek boven de pet zouden gaan et cetera. Ik zelf heb in Irak enkele eigen onderwerpen  taboe verklaard omdat ik  vermoedelijk na publicatie daarvan geen dagblad meer zou hebben. Journalisten mogen dan amper een ziel hebben, al snel na hun dertigste, op zijn hoogst vijfendertigste jaar, zet een soort professionele frustratie door die bij andere beroepsgroepen tien tot twintig jaar later of nooit tevoorschijnkomt. Ondanks miljarden aan reclame- en abonnee-inkomsten gebeurt er onverklaarbaar veel belangrijks dat geen aandacht krijgt, ook in het kleine Nederland. Misschien dat journalisten heel snel leren dat van zich af te zetten of het te rationaliseren. Een mens moet leven.

 

P.S. Ik heb inmiddels de derde aflevering gezien waarin Powned prominent was. Ik heb m’n verwachtingen van het programma nog niet naar boven bijgesteld.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s